Logo Universiteit Utrecht

Interpersoonlijke relaties in het onderwijs

Relaties en Non-verbaal gedrag

In de wijze waarop personen in interactie elkaars gedrag interpreteren, speelt niet alleen verbaal gedrag (inhoud) maar zeker ook het non-verbaal gedrag (o.a. stemvolume, gezichtsuitdrukking, positie in de klas) een belangrijke rol.

Het onderzoek van van Tartwijk (1993) laat zien dat het non-verbale gedrag van een leerkracht bijdraagt aan hoe een leerling zijn relatie ten opzichte van de leerkracht ziet. Van Tartwijk heeft de volgende non-verbale handelingen onderzocht:

positie gebruik van de ruimte in de klas door de leerkracht

lichaam positie en bewegingen van de torso, armen en hoofd.

Gezicht verschillende gezichtsuitdrukkingen

Visueel gedrag tijdsduur dat de leerkracht naar de leerlingen kijkt

Stem alle niet-inhoudelijke aspecten van stemgebruik zoals stemvolume

Al deze non-verbale handelingen kunnen voorspellen hoe gezaghebbend een leerling zijn leerkracht ziet. Staat de leerkracht bijvoorbeeld voorin de klas met zijn hoofd recht overeind de klas te overzien, dan zal de leerling deze leerkracht als gezaghebbender zien dan wanneer een leerkracht achter zijn bureau in de hoek van de klas staat en af en toe naar de klas kijkt, maar ook veel wegkijkt naar zijn lesvoorbereiding op het bureau.

Slechts non-verbale handelingen van het gezicht of de stem kunnen voorspellen hoe nabij een leerling zijn leerkracht ziet. Lacht een leerkracht bijvoorbeeld naar de leerlingen, dan wordt deze leerkracht als nabijer gezien dan wanneer een leerkracht veel boos of ontevreden naar een leerling kijkt.

Non-verbaal gedrag en beginnende leerkrachten
Uit onderzoek blijkt dat beginnende leerkrachten tijdens het klassikaal lesgeven minder non-verbale handelingen uitvoeren die 1) oogcontact stimuleren tussen de leerling en de leerkracht, 2) de leerling laten zien dat de leerkracht weet wat er gaande is in de klas en 3) demonstreren dat de leerkracht twee taken tegelijk kan uitvoeren, ten opzichte van ervaren leerkrachten. Dit kan een verklaring zijn voor waarom beginnende leerkrachten als minder gezaghebbend worden gezien. Voor hen is het de taak om niet te veel en te lang klassikaal les te geven en om tijdens deze momenten met hun non-verbale gedrag het beeld te geven dat zij een ervaren leerkracht zijn.